Hoogtetraining is al jaren een omstreden onderwerp. Sommige mensen zweren erbij, anderen geloven er niet in. Als er al 50 jaar onderzoek gedaan wordt naar een onderwerp en er is nog steeds discussie over, misschien werkt het dan wel niet… Maar ja, Einstein voorspelde 100 jaar geleden al het bestaan van gravitatiegolven en die zijn vorig jaar pas voor het eerst aangetoond door onderzoekers. Hoogtetraining en zijn effecten hebben dus nog een lange weg te gaan. Dat geldt trouwens ook voor training zonder hoogte. Bijna iedereen weet dat je van trainen beter wordt in dat wat je traint. Alleen, waarom de één dan heel veel beter wordt en de ander slechts een beetje, dat is vaak nog onduidelijk. Voor hoogtetraining geldt hetzelfde. Sommige mensen reageren er sterk op en anderen nauwelijks.

Het onderzoek naar hoogtetraining had altijd nog een beperkende factor, namelijk dat je het onderzoek niet “blind’ kon doen. Iemand weet heus wel of hij op een berg zit of niet. En de mensen die beneden zitten, weten ook dat ze beneden zitten en weten vaak ook dat er anderen zijn die heerlijk in de bergen zitten. Daarmee worden ze van een placebo-groep een nocebo-groep (negatieve placebo). Dubbelblind onderzoek (de gouden standaard) met (gesimuleerde) hoogtetraining is slechts een paar maal uitgevoerd, maar meer zullen er volgen.

Onderzoek naar hoogteziekte is ook veelvuldig gedaan. Heel veel is echter nog beschrijvend onderzoek en het leggen van verbanden tussen geslacht, leeftijd, conditie, stijging per dag en andere factoren met het optreden van hoogteziekte. Wat er nu werkelijk gebeurt en of je hoogteziekte kunt voorspellen, daar is de wetenschap nog minder duidelijk over.

De ontdekking van de Hypoxia-Inducable Factor (HIF, een eiwit dat gevoelig is voor zuurstofconcentratie) heeft ervoor gezorgd dat er een hele nieuwe golf van hoogte of hypoxie onderzoek is ontstaan, die op celniveau kijken welke systemen er allemaal geactiveerd worden wanneer mensen (maar ook ratten) worden blootgesteld aan zuurstofarme lucht. HIF blijkt namelijk een reeks genen te activeren, die op hun beurt weer processen in gang zetten die het lichaam moeten voorbereiden op de volgende situatie waarbij zuurstoftekort optreed, variërend van het aanmaken van rode bloedcellen, het ontwikkelen van nieuwe haarvaten, het beschermen van nieuwe cellen en ga zo maar door. Hoogtetraining doet zeker iets met je lichaam… en hoe!

Ga naar WETENSCHAPPELIJK NIEUWS  voor de laatste wetenschappelijke inzichten over hoogtetraining.

 

De lijst met mogelijke effecten en toepassingen die in de wetenschappelijke literatuur te vinden is, is zeer groot:

  • Verbeteren van uithoudingsvermogen
  • Verbeteren van anaeroob vermogen
  • Verbeteren van herhaalde sprintprestaties
  • Verbeteren loopeconomie
  • Verbeteren van kracht
  • Voorkomen van een (tweede) hartinfarct
  • Vermindering van bloeddruk
  • Verbeteren van vaatgezondheid
  • Tegengaan van obesitas/overgewicht
  • Terugdringen van pre-diabetes verschijnselen
  • Verbeteren van lichaamssamenstelling
  • Tegengaan van het verouderingsproces
  • Versnellen revalidatie van mensen met een incomplete dwarslaesie
  • Versnellen revalidatie van mensen met een (sport)blessure
  • Verbeteren functioneren van mensen met COPD
  • Verbeteren glycolytische enzym activiteit
  • Verbeteren sportprestatie
  • Verbeteren wendbaarheid in sport
  • Verbeteren prestatie op hoogte
  • Verminderen kans op hoogteziekte

Wetenschappelijke referenties voor bovenstaande claims (meest recente en in willekeurige volgorde):